ARCHIEF
KWETS-BAARHEID ALS KRACHT?
Ruimte: GastatelierKUNSTENAARS
MARCEL BORS
(Tegelen, Nederland, 1956)
Marcel Bors en Claudia Krivec 'Kwetsbaarheid Als Kracht?' “Alles van waarde is weerloos” schreef de dichter Lucebert. Precies in de kwetsbaarheid toont zich de waarde en de betekenis van iets. Dat wat gekwetst kan worden is waardevol, rijk aan waarde. Maar is kwetsbaarheid dan ook een kracht? Over deze vragen gaat het samenwerkingsproject ‘Kwetsbaarheid als kracht?’ tussen filosofe Claudia Krivec en beeldend kunstenaar Marcel Bors. In thematiek én in materiaalgebruik is kwetsbaarheid een gegeven dat bij Bors al langere tijd een rol speelt in zijn werk. In dit project wordt de hulp van de filosofie ingeroepen om te komen tot een helderder definiëring, of een herdefiniëring van eerdere standpunten. Maar ook om vanuit het samenkomen van filosofie, het gastatelier en de artistieke inbreng tot nieuw beeldend werk te komen. Gedurende een periode van een maand werkte Marcel Bors in het gastatelier van De Nederlandsche Cacaofabriek te Helmond. In een (bijna) dagelijkse correspondentie met Claudia Krivec rondom het genoemde thema worden teksten, ideeën en beelden uitgewisseld. Inleiding bij de expositie van Marcel Bors in DE nederlandsche CACAOFABRIEK Helmond, door Claudia Krivec: "Toen Marcel Bors mij inlichtte over de werktitel voor zijn verblijf in dit atelier, was mijn eerste gedachte dat deze titel een paradox bevat. Kwetsbaarheid en kracht lijken immers twee aan elkaar tegengestelde begrippen. Kwetsbaar is dat wat gekwetst kan worden, wat weerloos is, niet bij machte zich te beschermen, verdedigen oftewel wat krachteloos is, zonder kracht. Hoe moeten we de twee dan verzoenen? Zijn ze te verzoenen? Krachtige kwetsbaarheid?? Paradoxen zijn schijnbare tegenstellingen en misschien is ook hier de tegenstrijdigheid enkel oppervlakkig. De titel roept in ieder geval vragen op. In deze inleiding wil ik u kort verslag doen van het filosofisch gedeelte van dit project. Het is een samenvatting van de belangrijkste gedachten zoals die afgelopen maand uitgewisseld zijn tussen Marcel en mij. Het project Wie een zoektocht begint in de geschiedenis van de filosofie, merkt dat het thema kwetsbaarheid op veel verschillende manieren gethematiseerd wordt. Marcel's eigen situering van de vraag, zette een richting uit voor mijn zoektocht in de teksten van filosofen en onze correspondentie. Kwetsbaarheid lijkt alleen een negatieve betekenis te krijgen in onze samenleving en is dat wel terecht, vraagt Marcel Bors zich af. Kwetsbaarheid is iets dat we moeten vermijden indien mogelijk, niet iets dat bewondering oproept. Kan kwetsbaarheid, kwetsbaar-zijn echter niet ook een positieve waarde of kwalificatie inhouden? Stoa en het Epicurisme Dat kwetsbaar-zijn iets is dat we moeten vermijden, is een belangrijk thema in verschillende levensfilosofieën. Als we bv. kijken naar twee belangrijke stromingen uit de klassieke oudheid, de Stoa en het Epicurisme, dan verenigt hen beide dat zij de mens een leefwijze willen aanreiken waarin het lijden tot een minimum beperkt is. In het kort komt het erop neer, dat wij als mens ernaar moeten streven zo min mogelijk kwetsuren op te lopen aan het leven. Een 'stoïcijn' verstaat de kunst niet geraakt te worden, zich niet mee te laten slepen door zijn emoties, die enkel verwarring brengen en bron van lijden zijn. Inzicht in de Logos, de redelijkheid of, vrij vertaalt, 'de logica' van het leven, laat je zien dat de gebeurtenissen in je leven en de loop ervan noodzakelijk zijn. Erom treuren is daarom een verspilling van tijd en iets waartegen je je moet wapenen. Citaat uit Handboek voor de Stoïcijn van Epiktetos, late Stoa: "Als je je hecht aan een pot, terwijl je weet dat hij van aardewerk is, moet je niet klagen als hij breekt. En op dezelfde manier, wanneer je je vrouw of je zoon omhelst, zeg dan steeds tegen jezelf: "Ik omhels een sterveling," zodat hun dood je niet zal verstoren." Epicuristen houden er in sommige opzichten een vergelijkbare levensfilosofie op na. Genieting van het leven en vermijding van het lijden, is de norm. Deze genieting is het best gegarandeerd als men zich in het leven enkel bezighoudt met wezenlijke zaken, die noodzakelijk zijn en waar je zelf controle over hebt. Leef sober, is de stelregel. Bevredig enkel de minimale levensbehoeften, en leef verder in vrijheid en vriendschap. Luxe, eer, geldzucht, maar ook verliefdheid maken je afhankelijk, ook van andere mensen. Zij zullen je meestal enkel ongelukkig maken en het is daarom beter er van af te zien. Zo vermijd je het risico gekwetst te worden en geniet je het leven meer. Misschien is het bovenstaande een ietwat simpele weergave van het gedachtegoed van beide stromingen. Misschien zijn ze ook werkelijk een probaat middel om je te wapenen tegen de vele kwetsuren waaraan het menselijk leven is blootgesteld. Maar naar mijn mening veronachtzamen deze visies iets wat het leven juist waardevol maakt. Deze "veilige" leefwijzen laten weinig ruimte voor emoties, voor ontroering, voor vervoering. Geluk wordt synoniem met niet-lijden, met onkwetsbaar zijn. Maar dit ten koste van een wezenlijk stuk menselijk leven. De vraag is of er niet ook waardevolle ervaringen zijn, die zich enkel voordoen op het moment dat wij ons kwetsbaar durven opstellen, een kwetsbare houding aannemen. Dit omdat de dingen waar het in het leven om gaat, zich misschien vaak alleen daar openbaren waar we ons open durven stellen, ontvankelijk zijn, risico's durven nemen, en ons primaire (calculerende) eigenbelang even vergeten? Stilering van het leven en de kwetsbaarheid De 19e eeuwse filosoof Nietzsche verwerpt de levensvisies, die zielenrust willen brengen door vermijding van het lijden, precies omwille van dit laatste punt. Wie het lijden uitbant, vergeet dat de grote dingen in het leven vaak slechts met lijden tot stand komen. Leven zonder risico, is geen waarachtig leven. De kunst is, op juiste wijze om te gaan met onze kwetsbaarheid. Misschien dat de Stoïcijnen en Epicuristen dit laatste voor ogen hadden. Maar waar zij het accent leggen de persoon minder kwetsbaar te maken, pleit Nietzsche (en na hem bv. ook de Franse denker Foucault) ervoor deze kwetsbaarheid juist een plek te geven in het leven. Het gaat om een stilering van het leven inclusief de kwetsbaarheid. Deze vorm van stilering, van levenskunst gaat terug op Socrates en geeft de mens opdracht zijn leven vorm te geven, er een excellent leven van te maken. We zien dit nog duidelijker terug in de deugdethiek van Aristoteles. De mens is in staat zichzelf te vormen, zichzelf deugdelijk te maken als mens. De deugdelijkheid is de bloei van het menselijk leven. Onkwetsbaarheid ontneemt ons dit vermogen tot groei en bloei. Onze pogingen ons leven vorm te geven, vragen de grootste zorg, van onszelf maar ook van anderen om ons heen. In die zin zijn we behoeftig én kwetsbaar…. Autonome mensbeeld ter discussie Dat kwetsbaarheid tegenwoordig weinig aandacht krijgt, meestal in negatieve zijn, hangt ongetwijfeld samen met het huidig dominante mensbeeld. Het mensbeeld dat ons voorstelt als autonome wezens, als zijn wij in essentie onafhankelijk, vrij en zelfredzaam. Wie enkel uitgaat van onze autonomie heeft moeite om onze afhankelijkheid van anderen een plek te geven. Vanuit de zorgethiek is de laatste jaren aandacht gevraagd voor een ander mensbeeld. Een beeld dat zegt dat wij wezenlijk verbonden zijn met anderen en voor ons welzijn afhankelijk zijn van deze anderen en van hun zorg voor ons. Een beeld dus dat erkent dat wij kwetsbaar zijn. Hoe deze twee mensbeelden zich tot elkaar verhouden, is een interessante discussie in de huidige medische ethiek. Actualiteit Om niet alleen maar in vrij abstracte termen te blijven spreken, wil ik u tenslotte het volgende voorleggen. Afgelopen weken zijn de kranten en mediaprogramma's gevuld met het verhaal over de uitgeprocedeerde asielzoekers die gedwongen terug moeten naar het land van herkomst. Wat mij vooral boeide hierin, was het grote contrast tussen de spreekwijze van veel Haagse politici, die zich beroepen op justitiële regels en algemene principes van rechtvaardigheid en de spreekwijze van de lokale bestuurders en burgers, die zich lieten aanspreken door het concrete, persoonlijke verhaal van deze mensen. Wanneer het probleem een gezicht krijgt, blijken beslissing vaak heel anders uit te vallen. Vergelijkbaar is de situatie als wij geconfronteerd worden met beelden over de toestanden in bejaardenhuizen, of een dag op pad gaan met de medewerkers van de thuiszorg. Wat wil ik hiermee zeggen? Het volgende. Bovenbeschreven confrontaties doen een appèl op ons. De ontmoeting met concrete mensen, in plaats van cijfers, statistische gegevens, is een bijzondere ervaring. De filosoof Levinas beschrijft deze ontmoeting en ervaring als de basis van de moraal, de basis van humaniteit en verantwoordelijkheid. Levinas en het menselijk gelaat Levinas ethiek draagt de naam 'de ethiek van het Gelaat'. Mensen zijn primair egocentrisch, begrijpen en beleven de wereld om hen heen primair vanuit zichzelf, aldus Levinas. Wij zijn heer en meester in onze eigen werkelijkheid, maar deze totalitaire bestaanswijze wordt een halt toegeroepen om het moment dat wij geconfronteerd worden met het gelaat van de ander. Gelaat moeten we daarbij metaforisch duiden. Het valt niet zomaar samen met het gezicht van de ander in fysieke zin, hoewel het er wel mee verbonden is. Het spreekt er wel doorheen, maar is breder dan dat. Het beschrijft dat, wat zich tot ons richt in de ontmoeting met de medemens. In de werkelijke ontmoeting, word ik aangesproken en wordt er een grens gesteld aan mijn imperialistische wijze van kennen en beleven. Er gaat een appèl uit van de ander die mij tot rechtvaardiging roept. Het gelaat, basis van het appèl is naakt en kwetsbaar. Levinas spreekt in dit kader ook vaak over de vreemdeling, de weduwe, de wees. Hij bedoelt echter niet letterlijk dat alleen het Gelaat van deze personen spreekt. Zij zijn op te vatten als de symbolische archetypen van het weerloze. In ieder mens zijn deze aanwezig. Wij allen zijn als mens in meer of mindere mate, vreemdeling, wees of weduwe! Dat is de menselijke conditie: kwetsbaar….. En precies dit vormt de basis van elke vorm van humaniteit, menswaardigheid in de vormgeving van ons persoonlijke en gemeenschappelijke leven, aldus Levinas. Om tot een afronding te komen: misschien is het daarom goed, deze kwetsbaarheid te tonen in beelden -zoals hier- en deze beelden van menselijke kwetsbaarheid in ons op te nemen. Hoe deze filosofische overdenkingen, die ik u nu voorleg zich verhouden met de beelden die Marcel Bors hier toont, weet ik niet. Komen de woorden -de filosofie- en de beelden -de kunst- samen in dit project? Ik kan de vraag niet beantwoorden. Maar misschien is dat ook niet nodig en is dat iets waar u als kijker zelf u invulling aan geeft." Claudia Krivec 08-02-2004
